top of page

Shanshan!

  • Foto van schrijver: Inge Dubois
    Inge Dubois
  • 8 aug 2018
  • 5 minuten om te lezen

Kan een tyfoon je dag beheersen? Ja dus. Deze ochtend was het al winderig en kregen we zachte regen voorgeschoteld. Gisterenavond hadden we beslist dat er nog één absolute “must-do” op ons lijstje stond hier in de regio en dat was de Great Buddha. Dé reden waarom velen vanuit Tokio hierheen komen. Japans nationaal erfgoed. Vlakbij dus moeten we dit gezien hebben. Omdat de weerberichten aangeven dat het in de voormiddag nog relatief ok zou zijn, nemen we het zeker voor het onzekere en gaan op tijd op pad. Niet zonder een lekker ontbijt uiteraard. We hebben gisteren diepvriesfruit gevonden in de 7/11. Kwestie van eens te variëren op onze bananen, ongeveer het enige fruit wat hier makkelijk te vinden is.

De Enodi-tram is hier voor ons écht wel de dagelijkse oplossing. Deze 10-kilometer lange tramlijn die voor ongeveer de helft langs de oceaan gaat, is voor veel Japanners ook een reden om eens naar deze regio te komen. Het is grappig om zien hoe ze genieten van op de tram te zitten en foto’s nemen van de oceaan. Wij kennen onze kusttram maar die is ook redelijk uniek in zijn soort (verneem ik van een kenner die mee is op vakantie). In Hase stappen we uit. Een korte wandeling brengt ons bij de Daibutsu (Great Buddha). Imposant en vooral ook heel erg mooi. 11 meter hoog (zonder voetstuk) en 93 ton zwaar (volledig uit brons). Het beeld is in de 13e eeuw speciaal buiten proporties ontworpen zodat deze wel juist lijken als je er zo’n 5 meter voor staat. Voor een halve euro kunnen we met ons drie bovendien via een klein trapje naar binnen waar je nog beter kan zien hoe het beeld ooit gemaakt werd. Het heeft alle grote aardbevingen (ook die van 1923, de zwaarste ooit in de gekende geschiedenis van Japan), overleeft. Sinds 1964 zit er een stalen plaat onder waardoor het beeld “los” staat van zijn voetstuk en een nog grotere kans heeft om te overleven bij een volgende aardbeving. Het is volledig gerechtvaardigd dat dit Japans nationaal erfgoed is. We amuseren ons met het maken van foto’s.

Op de terugweg richting station zien we nog een tempel waar we van gehoord hadden dat hij het bezoeken waard was: Hase-Dera. Zeker de moeite omwille van een aantal heel mooie beelden en honderden kleine beeldjes. Deze tempel is opgedragen aan de “lost babies”, hoofdzakelijk door abortus. Hier wordt een achtarmige godin aanbeden. We zien toch best veel Japanners die offeren en bidden. We zijn blij dat we het gezien hebben maar als we deze tempel vergelijken met die van gisteren in het bamboebos dan weten we wel wat gekozen. Een beetje te commercieel hier voor ons. De tempels die we tot nog toe gedaan hebben, liggen meestal in een mooie tuin en zijn vaak alleen al daarvoor de moeite waard. De toegangsprijzen zijn ook best democratisch (2-3 euro). Omdat het nu toch terug volop aan het regen is (niet hard maar van die zachte regen, Koen noemt het “motwind”) kiezen we ervoor om terug op de tram naar Koshigoe te stappen. Als de tyfoon écht op volle kracht komt, zal het openbaar vervoer ook stil gelegd worden had Michael ons laten weten. Het is dus beter dat we al in ons eigen dorp zijn.

Het is ondertussen alweer lunchtijd dus we gaan op zoek naar een gezellige plek met lekker eten. Op zich niet zo moeilijk hier in Japan want zoals Fé het gisteren nog opmerkte: we hebben hier nog nooit slecht gegeten. We belanden bij Gokan in het centrum van Koshigoe: in een open keuken staan drie koks voor ons klaar om een lunch te prepareren. We kiezen elk iets verschillend: Nico heeft een soort curry met twee soorten saus & vlees, Fé heeft een spicy stoofsel van kip en ik heb een vissoep. Je eten wordt altijd op een dienblad gebracht omdat je diverse schaaltjes krijgt: een soepje (vaak miso), een bordje met “greens”, de verplichte (soja)sausjes, een slaatje en uiteraard nog je hoofdgerecht. Vingers en duimen worden afgelikt in het kwadraat. Om ons budget wat te sparen gaan we liever ’s middags op restaurant voor een lunch dan in de avond waar de prijzen dubbel zo hoog zijn. Over de middag hebben we voor zo’n 15 euro pp een heel lekkere maaltijd. Het is halfdrie als we het restaurant verlaten. We wandelen over de brug naar het (schier)eiland Enoshima. Vroeger kon men enkel met laagtij naar het eiland maar door de brug is het heel toegankelijk geworden. Er zijn diverse bezienswaardigheden. Tempels hebben we al genoeg gehad vandaag (en zullen er zeker nog komen) dus die laten we links liggen. De grotten trekken ons meer aan. Een dame die als “tourist-volunteer” werkt, stopt ons een kaartje in de hand en geeft ons wat uitleg. Ze blijft een hele poos achter ons lopen. Grappig. Wij wandelen naar de andere kant van het eiland en lijken ongeveer de enigen die dit plan opvatten. Misschien is het ook niet zo slim om met een tyfoon in een tsunami-gevoelig gebied in een zeegrot te gaan … hmm? Aangekomen bij de grot blijkt deze nog open te zijn en kunnen we een kaartje kopen. Het voordeel van dit weer is dat er nauwelijks andere toeristen op de baan zijn. De grot verrast ons. Het is er best groot en heel mooi. Er zijn twee delen en daartussen krijg je via een wandelpad prachtige uitzichten op de oceaan. De grotten zijn 13 miljoen jaar oud (teveel om te bevatten) maar bevatten beeldjes die al datteren van 500 nc. Mensen zijn altijd aangetrokken geweest tot deze zee-grotten en er zijn prachtige legendes over een draak die de streek terroriseert (en aan wie mensen hun babies offerden) maar die uiteindelijk door een prachtige nimf verleid wordt en zachtaardig wordt waardoor de regio voorspoed kent. Bij de ingang staat een grappig bordje dat de draak momenteel op vakantie is … Als we terug buiten komen is de wind in kracht toegenomen en regent het continu. Dezelfde dame die als “tourist volunteer” werkt, staat ons op te wachten aan de uitgang. Ze was bezorgd om ons en was dus zelf helemaal naar de andere kant gewandeld om ons te komen zoeken. Hoe lief is dat maar ook wel een beetje vreemd. Ze blijft nog een poosje naast ons lopen om zich ervan te vergewissen dat alles ok was met ons en pakt ondertussen uit met haar kennis van Duits waardoor ik ook mijn Duits van onder het stof moet halen. We wandelen helemaal rond het eiland en zien de overige eilandbezoekers ook vertrekken. Er branden rode flikkerlampen en een stem roept door de megafoons allerlei Japanse woorden waar wij –uiteraard- niks van begrijpen. We willen graag nog eens de jachthaven zien want op deze plek zullen de Belgen in 2020 in actie komen tijdens de Olympische spelen voor zeilen. Een mooie jachthaven pal aan de grote oceaan. We zullen binnen anderhalf jaar het zeilen met extra aandacht volgen. Het is duidelijk dat we ons nu toch best uit de voeten maken. We wandelen over de brug en trotseren wind en regen. In de 7/11 kopen we ons avondeten en vervolgens klimmen we terug op onze berg tot aan ons huis. Om halfzeven zijn we veilig en wel thuis. Benieuwd naar wat er nog komen zal want de berichten die we te horen en zien krijgen (vanuit België en vanuit Japan) spreken elkaar soms tegen: van heavy typhoon tot small typhoon, met de naam Shanshan. Enfin, het is beter dat we thuis zijn in dit weer en maken van de gelegenheid gebruik om nog een wasmachine te draaien. Hopelijk vinden we ook wasgelegenheden als we met onze camper op stap zijn want met dit warme weer heb je (zelfs als het regent) dagelijks frisse kleren nodig. Ondertussen zijn KSKW ook in Japan aangekomen! Zij bezoeken eerst Tokio en vrijdag ontmoeten we hen in Narita Station om onze campers op te halen. Voor ons begint dan een nieuw deel van onze vakantie. Fijn!


Opmerkingen


© 2023 by NOMAD ON THE ROAD. Proudly created with Wix.com

bottom of page